C&D - Hoe lees je de ingrediëntenlijst van dierenvoeding?

Hoe lees je de ingrediëntenlijst van dierenvoeding?

Wat zit er eigenlijk in de voeding van je hond of kat? De ingrediëntenlijst geeft je daar heel wat informatie over, als je weet hoe je ze moet lezen. De volgorde, benaming en verhouding tussen ingrediënten helpen je om voedingen beter te begrijpen en te vergelijken.

Wat zit er nu eigenlijk in de voeding van je hond of kat? 

De ingrediëntenlijst vertelt je veel, als je weet waar je op moet letten.

Op de voorkant van een verpakking staan vaak aantrekkelijke foto's en termen als met verse kip, rijk aan zalm of natuurlijk. Maar wil je beter begrijpen waaruit een voeding is opgebouwd? Dan kijk je best ook naar de ingrediëntenlijst.

Die lijkt op het eerste gezicht misschien ingewikkeld. Toch kun je er met een paar aandachtspunten heel wat uit leren.

 

Waar begin je en wat vertelt zo'n ingrediëntenlijst nu precies?

1. De volgorde vertelt hoe het recept is opgebouwd

Ingrediënten worden vermeld in aflopende volgorde van gewicht op het moment dat ze bij de bereiding worden gebruikt.

Het ingrediënt dat vooraan staat, werd dus in een grotere hoeveelheid toegevoegd dan een ingrediënt dat verderop staat. De eerste ingrediënten geven je daardoor een goed beeld van waaruit de basis van het recept bestaat. Maar stop daar niet met lezen.

Ingrediënten die maar in kleine hoeveelheden nodig zijn, staan vanzelfsprekend verder naar achteren. Denk bijvoorbeeld aan kruiden en botanicals, prebiotica of ingrediënten zoals glucosamine en chondroïtine. Hun plaats achteraan betekent niet dat ze geen relevante functie kunnen hebben.

Lees de ingrediëntenlijst daarom altijd volledig: vooraan ontdek je vooral de basis van het recept, verderop vind je ingrediënten die in kleinere hoeveelheden worden toegevoegd.

 

2. Vers en gedroogd vlees vertellen iets anders

Staat verse kip als eerste ingrediënt vermeld? Dan weet je dat er bij de bereiding veel verse kip werd toegevoegd.

Vers vlees bevat van nature veel vocht. Tijdens de bereiding verdwijnt een deel daarvan. Het uiteindelijke aandeel in een droge brok ligt daardoor lager dan je op basis van de eerste plaats misschien zou verwachten.

Een gedroogd dierlijk ingrediënt bevat vooraf al veel minder vocht en is daardoor geconcentreerder.

Vers of gedroogd is dus niet simpelweg een kwestie van beter of slechter. Beide kunnen een waardevolle plaats hebben binnen een goed samengesteld recept.

Vers vlees levert een herkenbare dierlijke grondstof en draagt onder andere bij aan de smaak. Gedroogde dierlijke ingrediënten zijn geconcentreerder en kunnen daardoor een belangrijke bijdrage leveren aan het totale aandeel dierlijke eiwitten.

Zie je bijvoorbeeld zowel verse kip als gedroogde kip hoog in de ingrediëntenlijst? Dan krijg je een vollediger beeld van de dierlijke basis van het recept.

 

Kijk dus niet alleen naar vers of gedroogd, maar naar hoe de verschillende dierlijke ingrediënten samen het recept vormen.

 

3. Hoe duidelijk worden de ingrediënten benoemd?

Niet alleen welke ingrediënten gebruikt worden is interessant. Ook hoe duidelijk ze worden benoemd.

Vergelijk bijvoorbeeld: verse kip, gedroogde kalkoen, zalm met vlees en dierlijke bijproducten

Bij de eerste omschrijving weet je welke dierlijke bronnen gebruikt worden. Bij de tweede is dat veel minder duidelijk.

Hetzelfde geldt voor zalmolie tegenover visolie. Bij zalmolie weet je van welke vis de olie afkomstig is. Bij visolie vertelt de benaming je dat niet.

Een specifieke benaming betekent niet automatisch dat de grondstof ook kwaliteitsvoller is. Dat kun je uit de ingrediëntenlijst alleen niet met zekerheid afleiden, maar ze geeft je wel meer transparantie. Je weet beter wat je koopt, kunt voedingen makkelijker vergelijken en kunt gerichter kijken naar wat jouw huisdier goed verdraagt.

 

Hoe duidelijker de ingrediënten worden benoemd, hoe minder je hoeft te raden wat er in de voerbak terechtkomt.

 

4. Kijk kritisch naar het volledige recept

Het eerste ingrediënt krijgt vaak veel aandacht. Maar een voeding beoordelen op basis van alleen wat bovenaan staat, is te eenvoudig.

Kijk ook naar wat daarna komt. Welke dierlijke ingrediënten zie je terug? Welke vetbronnen worden gebruikt? Welke koolhydraatbronnen bevat de voeding? En hoe verhouden die ingrediënten zich tot elkaar?

En wat met granen?

Granen zoals rijst, haver, maïs of tarwe kunnen onderdeel zijn van dierenvoeding. Graan is niet automatisch slecht en graanvrij is niet automatisch beter.

Wel is het interessant om te kijken welke plaats granen en andere koolhydraatbronnen binnen het volledige recept innemen.

Staan verschillende graan- of koolhydraatbronnen prominent in de lijst? Dan kunnen ze samen een aanzienlijk deel van de voeding vormen.

Wanneer koolhydraatrijke grondstoffen een groot deel van het recept vormen, vinden we het belangrijk om te bekijken welke rol ze spelen en hoeveel ruimte er daarnaast is voor kwalitatieve dierlijke ingrediënten.

Kijk daarom niet alleen naar graanvrij op de verpakking, maar naar welke ingrediënten gebruikt worden en hoe het volledige recept is opgebouwd.


Let ook op opgesplitste ingrediënten

Een vergelijkbare grondstof kan in verschillende vormen afzonderlijk in de ingrediëntenlijst voorkomen.

Denk bijvoorbeeld aan verschillende ingrediënten afkomstig van erwten, aardappelen of granen. Omdat die afzonderlijk worden vermeld, krijgen ze ieder hun eigen plaats in de lijst. Samen kunnen ze een groter aandeel van het recept vormen dan je op het eerste gezicht zou denken.

Dit wordt soms ingredient splitting genoemd.

Dat betekent niet automatisch dat een producent dit bewust doet om de ingrediëntenlijst aantrekkelijker te maken. Maar het is wel nuttig om vergelijkbare ingrediënten samen te bekijken wanneer je twee recepten vergelijkt.

 

Kijk dus niet alleen naar ieder ingrediënt afzonderlijk, maar probeer te begrijpen hoe het volledige recept is opgebouwd.

 

5. Wat vertellen percentages?

Soms staat er achter een ingrediënt een percentage, bijvoorbeeld verse kip (20%).

Dat geeft extra informatie over hoeveel van dat ingrediënt bij de bereiding werd gebruikt.

Ook een totaal vlees- of vispercentage kan interessant zijn. Maar het hoogste percentage betekent niet automatisch de beste voeding.

Vraag je ook af:

•  Uit welke dierlijke ingrediënten bestaat dat percentage?
•  Worden die duidelijk benoemd?
•  Gaat het om verse, gedroogde of andere dierlijke ingrediënten?
•  Hoe is de rest van het recept samengesteld?

Een percentage is een stukje van de puzzel, niet het volledige verhaal. Wil je hier meer over weten?

6. Vergeet de ingrediënten achteraan niet

Een ingrediënt dat achteraan staat, is niet automatisch onbelangrijk.

Sommige ingrediënten worden bewust in kleinere hoeveelheden toegevoegd omdat er simpelweg minder van nodig is.

Denk bijvoorbeeld aan:

•  kruiden en botanicals
•  prebiotica
•  specifieke vetbronnen zoals zalmolie
•  glucosamine
•  chondroïtine
•  bepaalde plantenextracten

Hun hoeveelheid is kleiner dan die van de basisingrediënten, waardoor je ze verder naar achteren terugvindt.

Kijk daarom niet alleen waar een ingrediënt staat, maar ook welke functie het binnen het recept heeft.

 

7. De ingrediëntenlijst vertelt veel, maar niet alles

Met een ingrediëntenlijst kun je dus behoorlijk wat leren over een voeding.

Je ziet waaruit de basis van het recept bestaat, welke dierlijke en plantaardige ingrediënten gebruikt worden, hoe transparant die worden benoemd en welke ingrediënten in kleinere hoeveelheden zijn toegevoegd.

Maar de lijst vertelt niet automatisch alles over:

•  de kwaliteit van iedere gebruikte grondstof
•  de verteerbaarheid van het volledige recept
•  de voedingswaarde van de uiteindelijke voeding
•  de manier waarop ingrediënten verwerkt zijn
•  hoe goed jouw huisdier de voeding verdraagt

Gebruik de ingrediëntenlijst daarom als een belangrijk hulpmiddel, maar niet als de enige kwaliteitsmeter.

 


Zo vergelijk je zelf twee ingrediëntenlijsten

Wil je twee voedingen naast elkaar leggen? Stel jezelf dan deze vragen:

 

1. Waaruit bestaat de basis van het recept?
Bekijk welke ingrediënten vooraan staan.

2. Welke dierlijke ingrediënten worden gebruikt?
Zie je verse en/of gedroogde dierlijke bronnen?

3. Hoe transparant zijn de benamingen?
Staat er verse kip of alleen vlees? Zalmolie of visolie?

4. Welke koolhydraatbronnen worden gebruikt?
En hoeveel plaats lijken ze samen in het recept in te nemen?

5. Komen vergelijkbare ingrediënten meerdere keren terug?
Bekijk ze ook samen in plaats van alleen hun afzonderlijke plaats.

6. Wat staat er verderop in de lijst?
Zie je bijvoorbeeld botanicals, prebiotica of andere functionele ingrediënten?

7. Begrijp je wat je leest?
Hoe transparanter een producent communiceert, hoe makkelijker je zelf kunt vergelijken.



Kijk niet naar één opvallend ingrediënt. Probeer het volledige recept te begrijpen.


En past de voeding ook bij jouw huisdier?

Een transparante ingrediëntenlijst en een doordacht recept zijn belangrijk. Maar ook een kwaliteitsvolle voeding is niet automatisch de juiste keuze voor iedere hond of kat.

Leeftijd, activiteit, lichaamsconditie, eetgewoontes en eventuele gevoeligheden spelen eveneens mee.

Daarom zijn uiteindelijk twee vragen belangrijk:

 

Is dit een kwaliteitsvolle voeding?
Kijk naar ingrediënten, samenstelling en transparantie.

Past deze voeding bij mijn huisdier?
Kijk naar zijn individuele behoeften.

Pas wanneer beide kloppen, heb je een goede basisvoor  je keuze.

Heb je hier nog vragen over?

Vind je het moeilijk om de ingrediëntenlijst van de voeding van jouw hond of kat te begrijpen?
Neem de verpakking mee naar een van onze winkels of vertel ons welke voeding je vandaag geeft. We leggen je graag uit wat er op het etiket staat, waar je zelf op kunt letten en hoe je verschillende voedingen kunt vergelijken.

Onze winkeladviseurs staan voor je klaar in jouw dichtsbijzijnde winkel of contacteer ons voor meer info en advies!